Kennismaking met de nieuwe interim-bestuurder van Fokus
Op 18 november heeft het bestuur van Red mijn Zorg een kennismakingsgesprek gevoerd met de nieuwe interim-bestuurder van Fokus, Vincent Schouten. Tijdens dit eerste overleg hebben wij ons voorgesteld, onze werkwijze toegelicht en stilgestaan bij de resultaten van het onafhankelijke onderzoek dat afgelopen zomer door Q-Consult is uitgevoerd. De samenvatting en de onderzoeksresultaten zijn op deze pagina te vinden: Samenvatting van het onafhankelijke onderzoek naar Fokus (2025)
Het gesprek bood ruimte om open met elkaar te spreken. Wij hebben onze zorgen gedeeld over de structurele misstanden die in het onderzoeksrapport worden bevestigd. In vergelijking met eerdere ervaringen was de toon van dit gesprek merkbaar constructiever. Belangrijk voor ons, en voor de cliënten en medewerkers van Fokus, is dat de interim-bestuurder de conclusies uit het onderzoek ondubbelzinnig heeft erkend. Zonder erkenning van de kernproblemen is daadwerkelijke verbetering immers onmogelijk.
De beperkte gespreksduur van één uur liet weinig ruimte om de inhoud al tot op detailniveau te bespreken. Dat was jammer, maar het nam niet weg dat wij een helder beeld hebben kunnen neerzetten van wie wij zijn en waarom wij aan tafel zitten. Voor het vervolg is inmiddels een tweede gesprek gepland op woensdag 26 november, waarin we de inhoud verder kunnen uitdiepen en verwachtingen beter op elkaar kunnen afstemmen.
Red mijn Zorg ziet deze gesprekken als een kans om het contact met Fokus te normaliseren en gezamenlijk stappen te zetten richting duurzame oplossingen voor cliënten. Wij blijven in de praktijk vaak weerstand ervaren binnen verschillende lagen van de organisatie, waarbij de inhoud ondergeschikt lijkt te raken aan het vermijden van het gesprek. Met een nieuwe bestuurder aan het roer hopen wij op een frisse start en de mogelijkheid om wederzijds vertrouwen op te bouwen.
Daarnaast willen wij het gesprek openen over thema’s die de basis vormen van het huidige Fokusconcept, zoals de koppeling tussen wonen en zorg en de toekomstbestendigheid van het model. Welke rol Red mijn Zorg hierin kan of moet spelen, is nog onderwerp van verdere afstemming. Wat daarbij voor ons nooit verandert, is onze inzet: het beschermen van cliënten en het opkomen voor hun recht op veilige, toegankelijke en respectvolle ondersteuning.
Of dit gesprek het begin vormt van de doorbraak waar wij ons al zo lang voor inzetten? De komende periode zal dat moeten uitwijzen. Wat ons betreft ligt de bal nu bij gezamenlijke vervolgacties en daadwerkelijke verbetering binnen de praktijk van alledag.
